Vaardigheden ScubaDoe-snorkeldiploma’s (vanaf seizoen 2011-2012)
Voor s
norkeldiploma A heb ik geleerd en kan ik nu:
|
Kennis: |
|
|
|
1. |
een goede en juiste duikbril, snorkel en vinnen uit kiezen |
|
|
2. |
vertellen hoe en wanneer je deze materialen het beste past en gebruikt |
|
|
3. |
veilig te water gaan zo wel inlopend als met een sprong vanaf een beperkte hoogte |
|
|
4. |
makkelijk zonder verstoring onder water gaan |
|
|
5. |
een buddy makkelijk van de bodem halen en naar de kant brengen |
|
|
Vaardigheden: |
||
| 1. |
een duikbril opzetten en watervrij maken (klaren) |
|
| 2. |
de snorkel plaatsen en watervrij maken (klaren) |
|
| 3. |
vinnen op een veilige manier op de kant aandoen |
|
| 4. |
zwemmen met duikbril, snorkel en vinnen |
|
|
Snorkeltechnieken: |
||
| 1. |
een goede hoekduik maken |
|
| 2. |
te water aan met een schredesprong |
|
| 3. |
te water gaan met een commando sprong |
|
| 4. |
met een rol achterwaarts te water gaan |
|
| 5. |
Het omhoog halen van je buddy |
|
| 6. |
een buddy vervoeren in de kopgreep |
|
| 7. |
een buddy vervoeren in de duwgreep |
Voor
Snorkeldiploma B heb ik geleerd en kan ik nu:
|
Kennis: |
||
| 1. |
een onderdelen van een duikbril, snorkel en vinnen benoemen |
|
| 2. |
veilig te water gaan zo wel inlopend als met een sprong vanaf een beperkte hoogte |
|
| 3. |
makkelijk zonder verstoring onder water gaan |
|
| 4. |
vertellen waarom en hoe een loodgordel wordt gebruikt |
|
| 5. |
uitleggen wat hyperventileren is |
|
|
Vaardigheden: |
||
| 1. |
een duikbril en snorkel opzetten en watervrij maken (klaren) |
|
| 2. |
vinnen al watertrappend aandoen |
|
| 3. |
duikbril, snorkel en vinnen al watertrappend aandoen |
|
| 4. |
zwemmen met duikbril, snorkel en vinnen |
|
| 5. |
om en afdoen van de loodgordel op de kant en onder water (ondiep) |
|
|
Snorkeltechnieken: |
||
| 1. |
mijn adem zo beheersen dat ik duikbril en snorkel na elkaar klaren |
|
| 2. |
zwemmen met vinnen op de rug |
|
| 3. |
zwemmen met vinnen op de buik ademend door de snorkel en masker |
|
| 4. |
zwemmen met vinnen op de buik ademend door de snorkel en een hand gestrekt |
|
| 5. |
zwemmen met een dolfijnbeenslag |
|
| 6. |
snorkelen met loodgordel |
|
| 7. |
snorkelen waarbij ik 6 hoekduiken kan maken |
|
| 8. |
te water aan met een schredesprong en de basisuitrusting watertrappend aandoen |
|
| 9. |
te water aan met een schredesprong en de basisuitrusting onderwater aandoen |
|
| 10. | te water gaan vanaf een verhoging (startblok/lage duikplank) | |
| 11. |
Het omhoog halen van je buddy |
|
| 12. |
een buddy zonder masker kan begeleiden |
|
| 13. |
een buddy vervoeren in de kop-,duw- en sleepgreep |
|
| 14. |
een buddy kan helpen bij de kant en samen kan uittillen tot op de kant |
Voor
Snorkeldiploma C heb ik geleerd en kan ik nu:
|
Kennis: |
||
| 1. |
een ander uitleggen wat een goede duikbril, snorkel en/of vinnen is/zijn |
|
| 2. |
een ander helpen op een goede en veilige manier de basisuitrusting aan en af te doen |
|
| 3. |
makkelijk zonder verstoring onder water gaan |
|
| 4. |
uitleggen wat hyperventileren is |
|
| 5. |
met handsignalen onder water mijn buddy iets uitleggen |
|
|
Vaardigheden: |
||
| 1. |
onder water makkelijk een duikmasker verwisselen en klaren |
|
| 2. |
makkelijk onderwater uitrustingstukken aan en af doen |
|
| 3. |
makkelijk tijdens het onderwater draaien om lengte en breedte as |
|
| 4. |
koprollen voor en achterover maken |
|
| 5. |
ook geblindeerd samen met een buddy voorwerpen onder water opzoeken |
|
|
Snorkeltechnieken: |
||
| 1. |
mijn adem zo beheersen dat ik de snorkel met een buddy steeds kan delen over een afstand van 15 meter |
|
| 2. |
Een complete redding kan uitvoeren van ophalen tot op de kant uit het water tillen |
